Na het klefferwerk richting Sint-Martens Voeren van verleden jaar, plande ons aller Marc voor de C27-ers dit jaar een 2 daagse naar Maldegem. Wat? Maldegem? Where the f*ck is Maldegem??
In het bericht dat de 20 ingeschrevenen ruim een week voor vertrek kregen, was er sprake van een vlak parcours, en dat de verkenners van dienst zelfs enkele afdalingen vonden onderweg. Zoals in iedere groep is er altijd wel een schrandere persoon die alles nakijkt of die eerst nadenkt. Zo ook bij de C27-ers want bij het vertrek vertrouwde hij ons het volgende toe: “Da is allemaal goe en wel. Die mannen kunne verdorie zegge wa da ze wille, mao ik weet da as er afdalingen zen, dan mut er ok geklumme wurre.” We bekeken mekaar, dachten ook efkes na en verdorie, we moesten in groep toegeven dat hij meer dan waarschijnlijk de waarheid sprak. Zou het dan toch???
Naast de eerdere afzegging van JanusDW (vervangen door BartH) moest ook FransC op het laatste ogenblik omwille van medische redenen nog afhaken. JhonyS, die zinnens was om mee tot in Maldegen en dan verder tot aan ‘het Kustje’ te fietsen, schrapte deze plannen en nam de plaats van Frans in. Maar hoe zat het dan met de betaling? Frans had al betaald en dus als Jhony hem 25€ teruggaf was Frans misschien wel content. Anders was hij zijn geld toch kwijt. Jhony voegde eraan toe dat de club er ook niet slechter uitkwam, want zij kregen nog €25. Maar hoe hij er zelf uitkwam (slapen, eten en drinken voor 25€) dat vertelde hij er niet bij. De kassier trok een eigenaardig gezicht bij het aanhoren van deze uitleg.
Om 8 uur stond de volgwagen al klaar. Voor een vertrek van 9 hr was dit ruim op tijd. Vanaf kwart na 8 druppelden de eerste Pallietertrappers binnen. Uitgerust met pak en zak. Het leek of sommigen hadden hun hele hebben-en-houden bij.
Bij de start telden we 21 personen, de 19 ingeschrevenen, GerardH en Rene Moons die ons gingen vergezellen. StafVG pikte in Booischot aan.
Nog maar net lagen de eerste hectometers achter ons, of het was een gedrum van jewelste om langs de rechterkant van de groep te kunnen zitten. Veilig verscholen voor de wind, die van schuin links door de groep raasde. Tot in Maldegem zou het ‘stoempen en daven’ worden. Wind.. en of er nog wind moest zijn? Via Heist-Goor, Bonheiden, Mechelen stonden we opeens oog in oog met de een groot gebouw aan de overzijde van de straat. In grote letters lazen we: SSSTTT, hier rust de Duvel. Ze kwamen blijkbaar op vertrouwd terrein. Even verder, in Breendonk onze eerste stop: cafe Brouwershuis. Op teller stonden 40 km.
Vandaar ging het verder via Malderen, Opdorp, Baasrode naar Dendermonde. De wind blies nog steeds alsof zijn leven er van af hing. Bij de tweede stop na circa 80 km, cafe ’t Zwaantje gelegen aan de drukke weg van Dendermonde naar Gent, vond Gerard het welletjes. Hij fietste met de wind in de zeilen terug naar Hulshout, naar zijn Maria. Bij thuiskomst stonden er voor hem circa 180 km op de teller. René, met enkel nog een banaan, een landkaart en een reservetube in de achterzak, wilde mee door Gent en pas dan terug naar Hulshout fietsen. Het passeren door Gent was niet het mooiste deel van de trip. Langs enkele verloederde buurten, passeerden we een dozijn verkeerslichten tot we eindelijk aan het kanaal aankwamen en we rustiger verder konden. Eens Gent achter ons, was het terug rustiger fietsen door Lovendegem, Oostwinkel en Ursel recht naar onze eindebestemming Maldegem.
Onderweg noteerden we nog een bandbreuk van Tom die probeerde om het reservewiel met de kroontjes lanks links (ipv langs rechts) in zijn fiets te krijgen. Bij nader inzien leek dat niet zo een goed idee te zijn. Anders moest hij ook zijn ‘bracket’ nog veranderen en zoveel tijd hadden we niet.
Na precies 121 km sloeg de wegkapitein rechts af. Een prachtig nieuw gebouw in een ‘E’-vorm doemde voor ons op. Zouden we hier dan slapen? Iedereen trok binnen en het eerste gerstennat werd besteld. Bij het binnenkomen viel het ons al op dat de aanwezige klanten niet bepaald jong te noemen waren. Volgens Dré was dit het rustoord van Maldegem, de enige plaats binnen een straal van enkele 100-meters van de jeugdherberg waar er iets gedronken kon worden. Amai, eerst de wind, nu dit. Of was het misschien al een hint (rustoord) voor enkele van de Pallietertrappers??
Enkelen fietsten naar het centrum waar ze door een ober (beschonken toestand al??) hen met een brede smile bediende. Zo wisten ze tenminste waar ze na het avondeten naartoe moesten. Ne mens moet nu eenmaal vooruitziend zijn.
Het avondeten was lekker: soep, dan kroketjes met groenten en enkele schnitsels, afgesloten met een ijscreem met aardbeien. Het eten was nog maar net naar binnen gewerkt, of enkelen stonden al recht, vroegen welke richting Maldegem-centrum was en waren weg. Een wandeling. Vermoedelijk om het eten beter te laten zakken. Meer hoeft er niet achter gezocht te worden.
’s Anderendaags ’s morgens hoorden we dat voor enkelen 1 wandeling niet voldoende was. Zij waren nog maar net terug in de jeugdherberg of ze togen in de late uurtjes nog terug. Biljkbaar had hun eten een langere wandeling nodig. Of zou het kunnen dat ze nog een consumptie te goed hadden ergens?
Zondagmorgen was duidelijk wie de wandelaars waren. Er zat ne Pallietertrapper recht voro zich uit te staren. Hij bekeek zijn boterhammekes. De boterhammekes bekeken hem. Alles bleef onaangeroerd. Geen honger.
Van bij de start zondag was het duidelijk dat de terugrit over kleinere, pittoreskere wegen ging dan de heenrit ded ag voordien. Enkelen zochten tevergeefs naar de wind. Gisteren blies die nog zo fel in het nadeel. Vandaag, naar de andere kant fietsen, kon niet anders of het moest windAF zijn. Spijtig,heel spijtig,... geen wind en dus geen windaf. Enkelen, en dan zeker die 3 wandelaars van de dag voordien, trokken een vies gezicht. Het had hen vandaag zo goed uitgekomen.
Na circa 25 tripkes van Hulshout naar Blankenberge/Oostende, dachten de meesten dat ze de wegen wel kenden. Absoluut niet. Marc en Dre zorgden voortdurend voor nieuwe, onontgonnen wegeltjes tussen aardappelvelden, boerderijen, en andere bossen. De grazende koeien keken meestal verbaasd naar zoveel fietsgeweld.
En als er dan soms een bekend kruispunt opdook, dan klonk er een luide “ooohh, hier zijn we,” door de groep. Alleen de chauffeur vond het maar niets. Het was voortdurende draaien en keren. Soms moest het even over de graskant om een enkele auto of tractor komende vanuit de andere zijde, te laten passeren.
We passeerden Sint Laureis, Bassevelde, Assenede, tot zelfs Ertvelde war we tevergeefs zochten naar ons alles Eddy ‘de Wally-vis’.
Net voor onze eet-stop te Belsele (spaggetti; 59 km) hadden we misschien wel het slechtste sutk weg van de hele trip. Over dit smalle betonbaantje moeten vroeger tanks gepasseerd zijn. De betonblokken lagen schots en scheef. Het was wippen van links naar rechts om toch niet lek te rijden.
Bij sommigen deed de spaggetti wonderen. Anderen, zij waren nog niet bekomen van de wandeling, vonden die witte pieten met een saus maar niks.
Na Temse ging het richting Buitenland. We passeerden Hingene, Wintam, Eikevliet om vervolgens in Boom te arriveren. Vandaar werd het traject voor de meesten bekender. In Duffel, Cafe De Oude Post, werd een laatste halt gehouden. De ogen van de meeste C27-ers glinsterden toen de naam van de kroeg bekend werd. Was dat hier dan niet dat? Ja da is hier toch he?? Ja natuurlijk dat daar een knap mokske de bediening verzorgt, wisten ze verdorie allemaal!! Teleurstelling alom toen bleek dat niet het mokske maar grootmoeder vandaag van dienst was. De stop was opeens minder aangenaam bij enkelen.
In gestrekte draf, maar met een lichte regenval, ging het dan verder naar Duffel-Mijlstraat, OLVrouw Waver, Putte om rond 16 uur in Hulshout aan te komen. De regen was ondertussen opgehouden.
In het lokaal keek iedereen tevreden terug op deze prachtige tocht, waarvan de prachtige rit van zondag nog lang zal bijblijven.
Beste Marc, hartelijk, hartelijk dank voor al het uitstippelen, het verkennen, het gidsen, het handhaven van de snelheid en voor al die zaken die ik hier vergeet.
Dré, dank voor de assistentie die je Marc verleende en het uitgekiende verdelen van de sleutels.
Ook een speciale dank voor Tom (volgwagen) en Eddy (chauffeur).
Het wordt al uitkijken naar de tweedaagse volgend seizoen. Naar waar fietsen we dan?